Als het dossier -als bedoeld in artikel 6- de toepassing van artikel 2:79 APV rechtvaardigt, dan stuurt de burgemeester een waarschuwing aan de veroorzaker(s) van de woonoverlast.
De burgemeester zal de veroorzaker van de woonoverlast in de waarschuwing sommeren ervoor zorg te dragen dat de gedraging(en) die de woonoverlast voor omwonenden veroorzaakt of veroorzaken per direct of binnen een te bepalen termijn wordt of worden gestaakt.
In de waarschuwing staat welke gedragingen moeten worden beëindigd en/of niet mogen worden herhaald. Daarbij wordt eveneens het opleggen van een gedragsaanwijzing in het vooruitzicht gesteld indien de bedoelde gedragingen niet binnen de gestelde termijn zijn gestaakt.
De veroorzaker van de woonoverlast wordt in de gelegenheid gesteld om tegen de waarschuwing een zienswijze in te dienen.
Indien betrokkene(n) meewerk(t)(en) aan een vrijwillige gedragsaanwijzing maar zich daar vervolgens niet aan houden dan kan de waarschuwing worden overgeslagen. De vrijwillige gedragsaanwijzing dient te worden beschouwd als waarschuwing.
Hoofdstuk 4.
Artikel 7.
Waarschuwing (gedragingen in of vanuit de woning of het erf)
Onderdeel van Beleidsregel Wet aanpak woonoverlast gemeente Zwijndrecht