De commissie kiest uit haar midden een voorzitter.
De voorzitter leidt de gesprekken.
De voorzitter treedt, voor zover nodig, op als contactpersoon en als woordvoerder naar buiten.
De commissie kan zich laten bijstaan door een externe gespreksleider. In dat geval is het tweede lid niet van toepassing.
Bij afwezigheid van de voorzitter worden diens taken waargenomen door een door de commissie uit haar midden aan te wijzen plaatsvervanger.
Artikel 6.