**1..** Als het dossier -als bedoeld in artikel 7- de toepassing van artikel 2:79 van de APV rechtvaardigt, dan wordt de overlastgever(s) uitgenodigd voor een gesprek. Dit gesprek zal plaatsvinden met de burgemeester en een medewerker van de gemeente Rheden.
**2..** Na het gesprek stuurt de burgemeester een waarschuwing, met de besproken punten zoals in artikel 1 wordt benoemd, aan de veroorzaker(s) van de woonoverlast.
**3..** De burgemeester zal in de waarschuwing van de veroorzaker van de woonoverlast eisen dat de gedraging(en) die de woonoverlast voor omwonenden veroorzaakt of veroorzaken wordt of worden gestaakt.
**4..** In de waarschuwing staat welke gedragingen moeten worden beëindigd en/of niet mogen worden herhaald. Daarbij wordt eveneens het opleggen van een gedragsaanwijzing in het vooruitzicht gesteld indien de bedoelde gedragingen niet binnen de gestelde termijn zijn gestaakt.
**5..** De veroorzaker van de woonoverlast wordt in de gelegenheid gesteld om tegen het voornemen om een waarschuwing te geven een zienswijze in te dienen.
**6..** Mocht er na de waarschuwing geen woonoverlast meer worden geconstateerd dan wordt er geen gedragsaanwijzing opgelegd. De bestuurlijke waarschuwingsbrief heeft, tenzij anders vermeld, een ‘geldigheidsduur’ van één jaar na dagtekening van de brief.
**7..** Gaat de overlastgever niet in op de uitnodiging voor een gesprek, dan wordt volstaan met het versturen van de waarschuwing.
Hoofdstuk 4
Artikel 8
Waarschuwing (gedragingen in of vanuit de woning of het erf)
Onderdeel van Beleidsregel Wet aanpak woonoverlast gemeente Rheden 2019