Wanneer de cliënt bij voor- en natransport is aangewezen op het gebruik van een rolstoel is aanpassing voor het meenemen van de rolstoel in de auto mogelijk
De criteria voor aanpassing zijn:
cliënt is niet in staat gebruik te maken van het collectief vervoer en; cliënt is niet in staat de rolstoel zelfstandig in/uit de auto te tillen en;
Voorbeeld:
ernstige rugklachten ten gevolge waarvan er een contra-indicatie bestaat voor het tillen van zwaardere voorwerpen;
ernstige balans-/ arm-/ handfunctieproblemen bij rolstoelgebruikers waardoor het niet mogelijk is de rolstoel met handkracht de auto in te tillen.
hulp van anderen bij het in/uittillen van de rolstoel is niet beschikbaar;
de vaste hulpverlener is niet in staat de rolstoel zelfstandig in/uit de auto te tillen.
3
Artikel 3.7.4
Aanpassingen voor het meenemen van de rolstoel in de auto
Onderdeel van Beoordelingskader hulpmiddelen