**1..** In deze verordening wordt verstaan onder:
boom: een houtachtig, overblijvend gewas met een dwarsdoorsnede van de stam van minimaal 49 cm op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerdere stammen geldt de dwarsdoorsnede van de dikste stam;
houtopstand: één of meer bomen of boomvormers, of andere houtachtige gewassen, mogelijk onderdeel uitmakend van hakhout, een houtwal, een grotere (lint)begroeiing van heesters en struiken, een beplanting van een bosplantsoen, een struweel of een heg;
griend- of hakhout: hout dat gekapt wordt van bomen en struiken voor gebruik. Hierbij wordt de boom niet helemaal gekapt, maar tot net boven de stambasis waarbij de boom opnieuw op de stronk kan uitlopen;
knotten/kandelaberen: het tot op de oude snoeiplaats verwijderen van uitgelopen takhout bij knotbomen, gekandelaberde bomen of leibomen als periodiek noodzakelijk onderhoud;
bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente, vastgesteld ingevolge artikel 4.1 onder a van de Wet natuurbescherming;
boomwaarde c.q. taxatiewaarde: de monetaire waarde van een boom zoals getaxeerd volgens de meest recente richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen. Het college kan bij toepassing van de boomwaarde naar redelijkheid en billijkheid besluiten;
dunnen van een houtopstand: het vellen dat geschiedt als verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende houtopstand;
kweekgoed: bomen gekweekt met het oogmerk deze te verhandelen waarbij regelmatig onderhoud aan de bomen en het terrein alsmede handelsactiviteiten plaatsvinden;
**2..** In deze verordening wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadigingen of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
HOOFDSTUK 4. › AFDELING 3.
Artikel 4.3.1.
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Meerssen 2019