Basis: artikel 1 Verordening leerlingenvervoer
Co-ouderschap is geen wettelijke term maar wordt in deze beleidsregels als volgt omschreven: Ouders, al dan niet gescheiden, die niet bij elkaar wonen, kunnen afspreken om hun kind(eren) gezamenlijk te (blijven) verzorgen en opvoeden. Er is sprake van co-ouderschap als zowel de moeder als de vader in een regelmatige afwisseling de zorg voor het kind of de kinderen heeft. In dit geval is er sprake van twee plaatsen waar het kind structureel en feitelijk verblijft. Waar het kind staat ingeschreven doet niet ter zake.
Om aanspraak te maken op bekostiging van leerlingenvervoer voor de dagen dat de leerling bij de betreffende ouder verblijft, moeten beide ouders afzonderlijk, een aanvraag indienen bij de gemeente waar hij of zij woont. Ouders moeten daarbij aangeven wanneer het kind waar verblijft.
De gemeente toetst de aanvraag aan de eigen verordening leerlingenvervoer en beoordeelt o.a. of de school de dichtstbijzijnde toegankelijke school is en of de aanvraag voldoet aan de afstandsgrens. Het kan voorkomen dat er slechts in één gemeente aanspraak op leerlingenvervoer bestaat.
Hoofdstuk 2:
Artikel 10.