Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 7

Dakterrassen

Onderdeel van Beleidsregels voor grondgebonden woningen

Gebied A: Compact woongebied - Centrum, Gebied B: Compact woongebied – Negentiende eeuwse schil, Gebied 1: Historische gesloten bebouwing, Gebied 2: Historische open bebouwing, Gebied 3: Tuinstad, Gebied 4: Jaren 70 en 80 wijken, Gebied 5: Overig Gebiedsindeling volgens de kaarten zoals aangegeven in artikelen 6 en 8. De onderverdeling van kaart dakterrassen (artikel 8) is een nadere specificering binnen de betreffende gebiedstypen (artikel 6) en geldt alleen voor de regeling met betrekking tot dakterrassen. CRITERIA Gebieden A B 1 2 3 4 5 1. Dakterrassen worden ad hoc beoordeeld. X X X X X 2. Gezamenlijke dakterrassen of binnentuinen (bedoeld voor meer dan één zelfstandige woning) worden ad hoc beoordeeld X X X X X X X 3. Voor het bouwen van een dakterras op aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen aan een gevel gericht op openbaar toegankelijk gebied à ad hoc beoordeling X Voor het bouwen van een dakterras op aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen aan een gevel gericht op niet openbaar toegankelijk gebied, dat in strijd is met het geldende bestemmingsplan, wordt een afwijking verleend onder de volgende voorwaarden: 1. het dakterras incl. hekwerk wordt gebouwd op legaal aanwezige aan- of uitbouw of aangebouwd bijgebouw; 2. het dakterras wordt gerealiseerd op een plat (deel van een) dak; 3. het dakterras ligt tegen de gevel van de betreffende woning; 4. de hoogte van afscheidingen (balustrades, hekwerken, doorvalbeveiligingen of vergelijkbare constructies) bij een dakterras mag niet hoger zijn dan wat minimaal vereist is op grond van het Bouwbesluit. Daarbij mag de hoogte van de vloer van het dakterras maximaal 0,2m bedragen, gemeten vanaf de afdekking van de ondergelegen bouwlaag tot aan bovenzijde vloerafwerking. 5. de minimale afstand tot de perceelsgrens 2m is, tenzij aangetoond wordt dat aan het Burenrecht1 voldaan wordt. Met dien verstande dat lid 4 onverminderd van toepassing blijft; (privacy)schermen zijn dus niet toegestaan; 6. de diepte van het dakterras is niet meer is dan 8m; 7. het totale oppervlak is niet groter dan 50m2; 8. partytenten, overkappingen of soortgelijke bouwwerken zijn niet toegestaan; 9. overkapte dak-opgangen worden ad hoc beoordeeld. Voor het bouwen van een dakterras op vrijstaande bijgebouwen en overkappingen wordt geen toestemming verleend. Voor het bouwen van een dakterras op een hoofdgebouw, dat in strijd is met het geldende bestemmingsplan, wordt een vergunning verleend onder de volgende voorwaarden: 1. er is bij de woning geen andere buitenruimte aanwezig en ook niet mogelijk (dus niet bij grondgebonden woningen met een buitenruimte op de begane grond; niet bij bovenwoningen waar een balkon of een dakterras op een aanbouw mogelijk is); 2. het dakterras wordt gerealiseerd op een plat (deel van een) dak; 3. de hoogte van afscheidingen (balustrades, hekwerken, doorvalbeveiligingen of vergelijkbare constructies) bij een dakterras mag niet hoger zijn dan wat minimaal vereist is op grond van het Bouwbesluit. Daarbij mag de hoogte van de vloer van het dakterras maximaal 0,2m bedragen, gemeten vanaf de afdekking van de ondergelegen bouwlaag tot aan bovenzijde vloerafwerking; 4. het dakterras (incl. afscheiding) voldoet aan alle naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijden aan de zichtbaarheidsregel; tenzij de afscheiding onderdeel is van de architectuur van de betreffende gevels en indien redelijke eisen van welstand zich hiertegen niet verzetten; 5. de afstand tot de rand van het dak aan de zijden die niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijn, is minimaal 2m; tenzij aangetoond wordt dat aan het Burenrecht¹ voldaan wordt. Met dien verstande dat lid 3 onverminderd van toepassing blijft; 6. het totale oppervlak is niet groter dan 50m2; 7. partytenten, overkappingen of soortgelijke bouwwerken zijn niet toegestaan; 8. overkapte dak-opgangen worden ad hoc beoordeeld. 4. Voor het bouwen van een dakterras op aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen aan een gevel gericht op openbaar toegankelijk gebied à ad hoc beoordeling X Voor het bouwen van een dakterras op aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen aan een gevel gericht op niet openbaar toegankelijk gebied, dat in strijd is met het geldende bestemmingsplan, wordt een afwijking verleend onder de volgende voorwaarden: 1. het dakterras incl. hekwerk wordt gebouwd op legaal aanwezige aan- of uitbouw of aangebouwd bijgebouw; 2. het dakterras wordt gerealiseerd op een plat (deel van een) dak; 3. het dakterras ligt tegen de gevel van de betreffende woning; 4. de hoogte van afscheidingen (balustrades, hekwerken, doorvalbeveiligingen of vergelijkbare constructies) bij een dakterras mag niet hoger zijn dan wat minimaal vereist is op grond van het Bouwbesluit. Daarbij mag de hoogte van de vloer van het dakterras maximaal 0,2m bedragen, gemeten vanaf de afdekking van de ondergelegen bouwlaag tot aan bovenzijde vloerafwerking; 5. de minimale afstand tot de perceelsgrens 2m is, tenzij aangetoond wordt dat aan het Burenrecht1 voldaan wordt. Met dien verstande dat lid 4 onverminderd van toepassing blijft; (privacy)schermen zijn dus niet toegestaan; 6. de diepte van het dakterras is niet groter is dan 6,5m; 7. het totale oppervlak is niet groter dan 25m2; 8. partytenten, overkappingen of soortgelijke bouwwerken zijn niet toegestaan; 9. overkapte dak-opgangen worden ad hoc beoordeeld. Voor het bouwen van een dakterras op vrijstaande bijgebouwen en overkappingen wordt geen toestemming verleend. Voor het bouwen van een dakterras op een hoofdgebouw, dat in strijd is met het geldende bestemmingsplan, wordt een afwijking verleend onder de volgende voorwaarden: 1. er is bij de woning geen andere buitenruimte aanwezig en ook niet mogelijk; (dus niet bij grondgebonden woningen met een buitenruimte op de begane grond; niet bij bovenwoningen waar een balkon of een dakterras op een aanbouw mogelijk is); 2. het dakterras wordt gerealiseerd op een plat (deel van een) dak; 3. de hoogte van afscheidingen (balustrades, hekwerken, doorvalbeveiligingen of vergelijkbare constructies) bij een dakterras mag niet hoger zijn dan wat minimaal vereist is op grond van het Bouwbesluit. Daarbij mag de hoogte van de vloer van het dakterras maximaal 0,2m bedragen, gemeten vanaf de afdekking van de ondergelegen bouwlaag tot aan bovenzijde vloerafwerking; 4. het dakterras (incl. afscheiding) voldoet aan alle naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijden aan de zichtbaarheidsregel; tenzij de afscheiding onderdeel is van de architectuur van de betreffende gevels en indien redelijke eisen van welstand zich hiertegen niet verzetten; 5. de afstand tot de rand van het dak aan de zijden die niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijn, is minimaal 2m; tenzij aangetoond wordt dat aan het Burenrecht voldaan wordt. Met dien verstande dat lid 3 onverminderd van toepassing blijft; 6. het totale oppervlak is niet groter dan 30 m2; 7. partytenten, overkappingen of soortgelijke bouwwerken zijn niet toegestaan; 8. overkapte dak-opgangen worden ad hoc beoordeeld. ¹ Boek 5, titel 4 van het Burgerlijk Wetboek

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel