Naar hoofdinhoud
1. . Het SVHW heeft een ambtelijk apparaat, met aan het hoofd een directeur. 2. . De directeur is belast met de bedrijfsvoering en de dagelijkse leiding van het ambtelijk apparaat. 3. . De bevoegdheden die de directeur in het kader van zijn taakopdracht, bedoeld in het tweede lid, heeft, zijn neergelegd in de Organisatieverordening, dan wel in een afzonderlijk mandaatbesluit. 4. . Vervallen. 5. . Het Algemeen bestuur beslist omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de directeur. Voor elke benoeming doet het Dagelijks bestuur een voordracht van, zo mogelijk, twee personen. 6. . Het Algemeen bestuur regelt de bezoldiging van de directeur. 7. . Het Dagelijks bestuur regelt de vervanging van de directeur. 8. . De overige ambtenaren worden op voordracht van de directeur benoemd en ontslagen door het Dagelijks bestuur. Het Dagelijks bestuur stelt de bezoldiging vast. 9. . De directeur staat de bestuursorganen en de ambtelijke commissie bij in de vervulling van hun taak. 10. . Alle uitgaande stukken van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur worden door de directeur mede ondertekend.

Rechtspraak bij dit artikel