** 1. .** Voor uittreding uit de Regeling wordt een opzegtermijn van ten minste één kalenderjaar in acht genomen. Gedurende drie kalenderjaren na de datum van toetreding tot de Regeling is uittreding niet mogelijk.
** 2. .** Het voornemen tot uittreding wordt bij aangetekende kennisgeving aan de voorzitter van het Algemeen bestuur medegedeeld.
** 3. .** Het Algemeen bestuur stelt de uittredingskosten vast.
** 4. .** De uittredingskosten voor een Deelnemer betreffen de jaarlijkse bijdrage van bedoelde Deelnemer vermenigvuldigd met het aandeel van de Frictiekosten van de totale deelnemersbijdrage (in procenten), vermenigvuldigd met het aantal maanden dat nodig is om de frictiekosten om te buigen gedeeld door 12;
** 5. .** Het aantal maanden dat nodig is om de frictiekosten om te buigen bedraagt voor een Deelnemer in de Grootteklasse:
Ombuigingstermijn frictiekosten
Relatieve deelnemersbijdrage
Grootte Klasse
Maanden
< - 1%
I
18
1% - <2%
II
21
2% - <3%
III
24
3% - <4%
IV
27
4% - <5%
V
30
5% - <10%
VI
33
10% - <25%
VII
36
25% - 100%
VIII
Liquidatieplan
** 6. .** Bij gelijktijdige uittreding van meerdere Deelnemers wordt de Grootteklasse per Deelnemer bepaald door de som van de individuele relatieve deelnemersbijdragen van de uittredende Deelnemers.
** 7. .** Nadat de uittredingskosten zijn vastgesteld, is de uittredende Deelnemer gehouden om binnen zes maanden de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen aan het SVHW te voldoen.
** 8. .** Indien een liquidatieplan moeten worden vastgesteld, wordt dit door de accountant van het SVHW gedaan, op kosten van de uittredende Deelnemer.
Hoofdstuk XI
Artikel 26