Met betrekking tot een wedstrijd bepaalt artikel 2:24, tweede lid, onderdeel d, van de APV dat een wedstrijd op of aan de weg wordt beschouwd als een evenement.
Van een wedstrijd is sprake in het geval van prestatievergelijkingen tussen deelnemers of voertuigen waarbij een prijs, beloning of aandenken in het vooruitzicht wordt gesteld. Op grond van geldende jurisprudentie is ook een toertocht, waarbij een aandenken wordt verstrekt, gelijkgesteld met een wedstrijd.
In dit verband stelt het zevende lid van artikel 2:25 van de APV dat voor een dergelijke activiteit geen evenementenvergunning is vereist voor zover een en ander is geregeld in de artikelen 10 en 148 van de Wegenverkeerswet 1994.
Deze artikelen bepalen dat voor een wedstrijd door meerdere gemeenten, of waarbij provinciale wegen worden gebruikt, een ontheffing dient te worden verleend door het college van Gedeputeerde Staten van, in dit geval, Noord-Brabant (GS).
Deze ontheffing wordt (overigens) door Gedeputeerde Staten alleen verleend indien er door de organisator aantoonbaar een verzekering is afgesloten in de zin van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen.
Beleidsmatig dient de organisator van de wedstrijd te kunnen aantonen dat er goedkeuring is van de betrokken wegbeheerder en dat deze bereid is om medewerking te verlenen aan het evenement.
In de praktijk wordt deze goedkeuring vertaald in een “verklaring van geen bezwaar”. Deze verklaring wordt door de colleges van B&W van de deelnemende gemeenten aan de organisator verstrekt die deze verklaringen, als bijlagen, toevoegt aan de ontheffingsaanvraag bij GS.
Het staat de burgemeester van de deelnemende gemeente(n) vrij om voor de georganiseerde activiteiten in het kader van een dergelijke wedstrijd, een evenementenvergunning af te geven indien de specifieke situatie dit vereist (bijvoorbeeld indien er aanvullende activiteiten plaatsvinden in de vorm van het innemen van standplaatsen dan wel de opstelling van een mini-kermis). In ieder geval is een zodanige vergunning benodigd op de locatie waar de start en finish van de betreffende wedstrijd plaatsvindt.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.5.1.