Naar hoofdinhoud
De vergunningen worden in afwijking van artikel 1:8 APV voor vijf jaar verleend. Aan de vergunning wordt bovendien standaard de voorwaarde verbonden dat de vergunninghouder steeds na één jaar schriftelijk moet melden of hij gebruik wil blijven maken van de vergunning. Als hij (ook na een herinnering) geen melding doet vervalt de vergunning van rechtswege. Daarvan is ook sprake als de gemeente – los van een eventuele melding - vaststelt dat van de verleende vergunning feitelijk geen gebruik wordt gemaakt gedurende 6 maanden of meer (art. 1:6 onder d, APV). Een andere standaard voorwaarde regelt dat de vergunning van rechtswege vervalt indien de locatie wegens herinrichting niet meer beschikbaar is. In dat geval zal in overleg met de vergunninghouder een geschikte andere locatie gezocht worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel