Naar hoofdinhoud
1.. Bij een eerste incident waardoor een hond als hinderlijke hond gezien wordt, legt de burgemeester een waarschuwing op aan de eigenaar of houder van de hond. 2.. De waarschuwing geldt voor een periode van twee jaar. 3.. Bij een volgend incident kan de burgemeester een aanlijngebod als bedoeld in artikel 2:59, eerste lid, van de APV opleggen aan de eigenaar of houder van een hinderlijke hond. 4.. Het aanlijngebod wordt opgelegd voor onbepaalde tijd. 5.. Het aanlijngebod kan worden opgeheven wanneer de eigenaar of houder aantoont dat het gedrag van de hond structureel is verbeterd.

Rechtspraak bij dit artikel