Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: •. Awb: Algemene wet bestuursrecht; •. bezoeker: een ieder die zich in het horecabedrijf bevindt, met uitzondering van: de houder van de vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, alsmede diens gezinsleden en elders wonende bloed- en aanverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad; personeel van het horecabedrijf; personen waarvan de aanwezigheid in het horecabedrijf wegens dringende redenen noodzakelijk is; •. convenant: Convenant Veilig Uitgaan gemeente Boxtel 2019, en zijn opvolgers; •. exploitant: de natuurlijke persoon of rechtspersoon voor wiens rekening en risico het horecabedrijf wordt uitgebaat; •. gemeenschapshuis: een openbaar gebouw dat dient als ontmoetingsplaats voor bewoners van een wijk, stadsdeel of dorp en leden van verenigingen; •. glaswerk: alle glassoorten die in scherven uiteen kunnen vallen; •. handelaar: de handelaar als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit ex artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht; •. horecaconcentratiegebied: het gebied, zoals weergegeven op de kaart, dat bestaat uit de straten Fellenoord, vanaf Konijnshoolsedreef tot aan Rechterstraat – Rechterstraat – Rozemarijnstraat – Markt – Clarissenstraat – Oude Kerkstraat – Kruisstraat – Stationsstraat vanaf Molenstraat tot aan Breukelsestraat – Breukelsestraat vanaf Stationsstraat tot aan Breukelsplein; •. horecabedrijf: de activiteit in ieder geval bestaande uit het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse; •. horeca inrichting: de voor publiek toegankelijke lokaliteiten waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend, met de daarbij behorende terrassen voor zover die terrassen in ieder geval bestemd zijn voor het verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse, welke lokaliteiten al dan niet onderdeel uitmaken van een andere besloten ruimte; •. horecalokaliteit: een van een afsluitbare toegang voorziene lokaliteit, onderdeel uitmakend van een inrichting waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend, in ieder geval bestemd voor het verstrekken van dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse; •. kaart: de kaart behorende bij deze verordening en opgenomen in bijlage 1; •. leidinggevende: de natuurlijke persoon of de bestuurders van een rechtspersoon voor wiens rekening en risico het horecabedrijf wordt uitgebaat alsmede de natuurlijke personen die de algemene en/of dagelijkse leiding van het horecabedrijf heeft; •. paracommerciële rechtspersoon: een rechtspersoon niet zijnde een naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die zich naast activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard richt op de exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf; •. sociaal-cultureel centrum: een gebouw dat dient als ontmoetingsplaats voor personen met een bepaalde sociale of culturele achtergrond; •. sportaccommodatie: een plaats of gebouw dat primair ten dienste staat voor het uitoefenen van een sport; •. terras: het buiten de horecalokaliteit van de horeca inrichting liggend gebied waar zitgelegenheid wordt geboden en waar dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt; •. wet: Drank- en Horecawet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel