Naar hoofdinhoud
1.. De materiële controle van de in het controleplan genoemde risico’s richt zich op gecontracteerde aanbieders en alle door hen geleverde en gedeclareerde zorgprestaties. Daarnaast kan de materiële controle zich richten op zorg die is ingekocht door budgethouders door middel van een persoonsgebonden budget (PGB). 2.. De materiële controle op rechtmatigheid richt zich op de declaraties die door de aanbieders zijn verantwoord en wordt uitgevoerd op de inhoud van de gedeclareerde hulp. Dit houdt in dat geverifieerd wordt: is de hulp daadwerkelijk geleverd en is de hulp in overeenstemming met de beschikking, inhoudende een recht op hulp of een voorziening of specifiek voor Jeugdhulp, is de hulp in overeenstemming met een bepaling jeugdhulp van de gecertificeerde instelling, de verwijzing van de huisarts, medisch-specialist of jeugdarts of een rechterlijke uitspraak. 3.. De materiële controle op doelmatigheid richt zich op de balans tussen geleverde zorgprestaties en kosten die door de aanbieders zijn verantwoord waarbij onder andere wordt beoordeeld of de geleverde zorgprestaties aansluiten bij de zorgvraag van cliënten. Onder meer kan het volgende worden nagegaan: wat is het aantal cliënten; wat is het aantal zorguren; wat is de zorgzwaarte; sluit de zorg aan op de wens van de cliënt; past de geleverde zorg binnen de indicatie van cliënt; hoe verhoudt de geleverde zorg van de aanbieder zich ten opzichte van andere aanbieders. 4.. In de fase van de algemene materiële controle komen alleen die methoden in aanmerking, die kunnen worden toegepast zonder daarbij te zijn aangewezen op de medewerking van de aanbieder bij de verwerking van persoonsgegevens betreffende de gezondheid. Het gaat hierbij zowel om het uitvoeren van statistische analyses en logica- en verbandcontroles, die op basis van de eigen administratie en de daarin opgenomen persoonsgegevens zelfstandig kunnen worden verricht, als om de beoordeling van door aanbieders overgelegde accountantsverklaringen en, indien aanwezig, bestuursverklaringen en verklaringen betreffende de administratieve organisatie en interne controle (AO/IC-verklaringen) alsmede de financiële productieverantwoording volgens het accountantsprotocol van iSD. Ook andere informatie, niet zijnde persoonsgegevens, die – bijvoorbeeld naar aanleiding van een concreet signaal – desgevraagd door de aanbieder is verstrekt, alsmede signalen van de jeugdige of zijn ouders, vallen onder deze categorie.

Rechtspraak bij dit artikel