Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.1

Artikel 2.1.18

Wijziging, intrekking, vervallen voorrangsverklaring

Onderdeel van Huisvestingsverordening Gemeente Papendrecht 2019

Bij gewijzigde omstandigheden kan het college, al dan niet op verzoek van de woningzoekende, besluiten de inhoud van een voorrangsverklaring te wijzigen. De woningzoekende ontvangt in dat geval een nieuwe voorrangsverklaring onder intrekking van de eerder afgegeven verklaring. Het college kan een voorrangsverklaring intrekken, indien: aan de vereisten voor het verkrijgen van een voorrangsverklaring niet meer wordt voldaan; de voorrangsverklaring is afgegeven op grond van gegevens waarvan de woningzoekende wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren; de aanvrager niet in staat blijkt om in zijn bestaan of in de kosten van bewoning van zelfstandige woonruimte te voorzien. De voorrangsverklaring vervalt van rechtswege indien de woningzoekende: een hem aangeboden woning die past binnen het in artikel 2.1.16, onder c genoemde huisvestingsprofiel heeft geweigerd; of indien de woningzoekenden, indien hij zelf mag reageren op de aangeboden woningvoorraad, niet binnen een termijn van 3 maanden heeft gereageerd op een woning die past binnen het woningprofiel dat aan zijn voorrangsverklaring is gekoppeld. Het college kan besluiten tot verlenging van de in artikel 2.1.16, onder e genoemde termijn, indien daar naar hun oordeel gegronde redenen voor zijn. Het college kan zijn bevoegdheid als bedoeld in lid 1, 2 en 4 mandateren aan de voorzitter van het PUV.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel