Een individuele woonvoorziening bestaat uit:
een tegemoetkoming in de verhuiskosten bestemd voor verhuis- en herinrichtingskosten, zoals bedoeld in artikel 21 lid 5 van de verordening;
een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening, en wordt verstrekt in natura of een persoonsgebonden budget;
een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening, en wordt verstrekt in natura, een persoonsgebonden budget of in bruikleen.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2
Artikel 6