**1..** Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde bedrag in artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
**2..** In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd;
**3..** In afwijking van het bepaalde in het eerste lid ontvangen de leden van de Commissie personele aangelegenheden, Hoorcommissie sociale wetgeving, Commissie bezwaarschriften en Rekenkamercommissie een vergoeding zoals bepaald in artikel 10.
**4..** Geen vergoeding ontvangt diegene die zitting (als lid of voorzitter) heeft in een commissie:
als raadslid of wethouder;
in zijn hoedanigheid als medewerker van de gemeente.
Hoofdstuk 3
Artikel 8
Vergoeding commissieleden
Onderdeel van Verordening rechtspositie raads- en commissieleden 2019