Bij de uitvoering van de bepalingen uit paragraaf 2.4 Voorrang toewijzing huurwoningen met huur tot aan de liberalisatiegrens gelden de volgende bepalingen.
Artikel 2.4.3 Voorrangsregels woningtype: Woningen met zorgvoorzieningen
Bij de toewijzing gelden de volgende toewijzingscriteria:
1. Woningzoekenden die willen verhuizen naar een zelfstandige woning waarbij gebruik gemaakt kan worden van faciliteiten van zorgverlenende organisaties en deze woning op grond van hun zorgbehoefte nodig hebben, kunnen bij de gemeente een indicatie aanvragen voor een woning met zorgvoorziening. Deze indicatie wordt toegekend als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
a. De woningzoekende heeft geen inkomen hoger dan het maximale inkomen voor het kunnen verkrijgen van een huisvestingsvergunning voor sociale huur.
b. De woningzoekende levert bewijsstukken aan. Als bewijsstukken kunnen worden betrokken:
- Wmo-indicatie of CIZ indicatie waaruit de zorgbehoefte blijkt;
- Stukken waaruit blijkt dat er sprake is van mantelzorg;
- Stukken van de verzekeraar of de wijkverpleging, waaruit blijkt dat er sprake is van persoonlijke verzorging;
- Informatie van de specialist, waaruit blijkt wat de medische klachten zijn;
- Toekenningsbeschikking verhuiskostenvergoeding (Wmo);
- Toekenningsbeschikking hulpmiddelen;
- Programma van eisen voor een woning;
- Overige documenten die het woonprobleem of de zorgbehoefte aantonen.
c. Er vindt geen medische keuring plaats.
Artikel 2.4.3 Voorrangsregels woningtype: Nultredenwoningen
Nultredenwoningen zijn in Utrecht verbijzonderd naar de volgende type woningen: gelijkvloerse woningen, rollatorwoningen en rolstoeltoegankelijke woningen.
1. Indicatiestelling Gelijkvloerse woning:
a. Woningzoekenden die 65 jaar of ouder zijn en willen verhuizen naar een woning die zonder trap bereikbaar is, komen met voorrang in aanmerking voor gelijkvloerse woningen die aangemerkt zijn als 65+ woningen.
b. Woningzoekenden die jonger zijn dan 65 jaar en willen verhuizen naar een woning die zonder trap bereikbaar is en deze woning op grond van hun functiebeperking nodig hebben, kunnen bij de gemeente een indicatie aanvragen. Deze indicatie wordt toegekend als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
1. De woningzoekende heeft geen inkomen hoger dan het maximale inkomen voor het kunnen verkrijgen van een huisvestingsvergunning voor sociale huur.
2. De woningzoekende levert bewijsstukken aan. Als bewijsstukken kunnen worden betrokken:
- Wmo- hulpmiddelen indicatie
- Informatie van de specialist waaruit blijkt wat de medische klachten zijn
- Overige stukken die het woonprobleem aantonen
3. Indien de informatie niet toereikend is, kan een medische keuring plaatsvinden.
2. Indicatiestelling Rollatorwoning:
a. Woningzoekenden die willen verhuizen naar een woning die met een rollator te bereiken is, evenals de wezenlijke voorzieningen, en deze woning op grond van hun functiebeperking nodig hebben, kunnen bij de gemeente een indicatie rollatorwoning aanvragen. Deze indicatie wordt toegekend als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
1. De woningzoekende heeft geen inkomen hoger dan het maximale inkomen voor het kunnen verkrijgen van een huisvestingsvergunning voor sociale huur
2. De woningzoekende levert bewijsstukken aan. Als bewijsstukken kunnen worden betrokken:
- Informatie van de specialist waaruit blijkt wat de medische klachten zijn
- Overige stukken die het woonprobleem aantonen
3. Indien de informatie niet toereikend is, kan een medische keuring plaatsvinden
3. . Indicatiestelling Rolstoeltoegankelijke woning:
a. Woningzoekenden die willen verhuizen naar een woning die met een rolstoel te bereiken is, evenals de wezenlijke voorzieningen, en deze woning op grond van hun functiebeperking nodig hebben, kunnen bij de gemeente een indicatie Rolstoeltoegankelijke woning aanvragen.
1. De woningzoekende heeft geen inkomen hoger dan het maximale inkomen voor het kunnen verkrijgen van een huisvestingsvergunning voor sociale huur
2. De woningzoekende levert bewijsstukken aan. Als bewijsstukken kunnen worden betrokken:
- Wmo- hulpmiddelen indicatie
- Informatie van de specialist waaruit blijkt wat de medische klachten zijn
- Overige stukken die het woonprobleem aantonen
3. Indien de informatie niet toereikend is, kan een medische keuring plaatsvinden
Artikel 2.4.3 Voorrangsregels woningtype: Jongerenwoningen
Jongeren in de leeftijdscategorie van 18 tot 23 jaar of 18 tot 30 jaar (naar keuze van de verhuurder) hebben voorrang bij woonruimte die passend is voor alleenstaanden of tweepersoonshuishoudens en gelabeld zijn als jongerenwoning.
Artikel 2.4.4 Voorrangsregels doorstromen en doorschuiven
Voorrangsregels zoals bedoeld in artikel 2.4.4 lid 2
1. Wanneer een woning binnen een bouwblok meergezinswoningen vrijkomt en aangemerkt is als doorschuifcomplex, mag aan de overige bewoners van hetzelfde bouwblok voorrang worden gegeven. Hierbij gelden de volgende voorwaarden:
a. De passendheidseisen van artikel 2.4.1 en artikel 2.4.2 van de Regionale Huisvestingsverordening worden toegepast
b. Onder bouwblok wordt verstaan een fysiek gebouw tussen twee buiten spouwmuren. Ook bouwblokken met galerijwoningen komen voor doorschuif in aanmerking
c. De volgende volgorde van toewijzing wordt toegepast:
1. Stadsvernieuwingsurgenten met terugkeervoorrang;
2. Doorschuifkandidaten;
3. Urgenten;
4. Overige woningzoekenden.
d. Er is bij doorschuiven geen sprake van wooncarrière als de woningzoekende een functiebeperking heeft en de beoogde woning hiervoor beter passend is. De functiebeperking van doorschuifkandidaten wordt door burgemeester en wethouders vastgesteld op de volgende wijze:
1. Bij doorschuifkandidaten jonger dan 65 jaar wordt de functiebeperking vastgesteld door een indicatiestelling voor een gelijkvloerse woning.
2. Bij doorschuifkandidaten van 65 jaar en ouder wordt de functiebeperking vastgesteld door een vaststelling van de functiebeperking.Deze vaststelling kan alleen gebruikt worden bij de doorschuifregeling.
Artikel 2.4.5 Bindingsregel
In de gemeente Utrecht is de bindingsregel van toepassing voor het beschikbare aanbod in de kern Haarzuilens.
Artikel 2.4.6 Bijzondere doelgroepen
Burgemeester en wethouders benoemen gepreciseerde werknemers binnen de sectoren onderwijs, zorg en politie als bijzondere doelgroep. De werknemers dienen een verzoek in te dienen bij het Vierde huis om voorrang te verkrijgen bij de toewijzing van sociale huurwoningen in de gemeente Utrecht.
1. De aanvrager dient aan de navolgende criteria te voldoen:
a. de aanvrager heeft een vaste aanstelling of een contract voor minimaal 1 jaar bij de betreffende organisatie;
b. de aanvrager is minimaal 24 uur per week werkzaam bij de betreffende organisatie;
c. de aanvrager heeft een aanstelling bij een organisatie gelegen binnen de grenzen van de gemeente Utrecht en is ook in de gemeente Utrecht werkzaam;
d. de aanvrager staat ingeschreven bij WoningNet, maar niet langer dan de gemiddelde wachttijd;
e. de aanvrager is niet woonachtig in de gemeenten De Bilt, Bunnik, Lopik, Houten, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, De Ronde Venen, Stichtse Vecht, Utrechtse Heuvelrug, IJsselstein, Wijk bij Duurstede, Woerden, Zeist en de kernen Vianen, Hagestein, Everdingen, Zijderveld en Hoef en Haag in de gemeente Vijfheerenlanden.
f. Indien de aanvrager woonachtig is buiten de gemeenten genoemd onder e: de aanvrager woont op moment van de aanvraag al minstens 1 jaar buiten de onder e genoemde gemeenten;
2. Indien de aanvrager woonachtig is in de gemeente Utrecht dan geldt punt f niet, in plaats daarvan gelden de volgende criteria:
a. de aanvrager is niet bij zijn of haar ouders inwonend;
b. de aanvrager heeft gerekend vanaf het moment van zijn vaste aanstelling of ingangsdatum contract bij de betreffende organisatie in de gemeente Utrecht aantoonbaar minimaal 1 jaar aaneengesloten in een onzelfstandige woonruimte gewoond;
c. de aanvrager voert een een- of tweepersoonshuishouden en zoekt woonruimte voor één of twee personen.
3. Onder 'gepreciseerde werknemers' worden de volgende personen verstaan:
a. Beroepsgroep "zorg":
- personen, werkzaam in de directe patiëntenzorg zowel in een zorgorganisatie als in een thuiszorg-organisatie. Onder directe patiëntenzorg wordt verstaan verplegend personeel en/of verzorgend personeel dat direct contact heeft met de patiënt.
- personen, werkzaam in de Maatschappelijke Opvang, die directe zorg verlenen aan de oGGz-cliënt. Onder directe zorg wordt verstaan personeel die de cliënt daadwerkelijk begeleiden.
b. Beroepsgroep "politie": politiepersoneel in executieve dienst. Dit is een CAO-term waaronder politiepersoneel die "op straat surveilleren" wordt begrepen.
c. Beroepsgroep "onderwijs": onderwijspersoneel in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. CAO-term waaronder leerkrachten en docenten worden begrepen. Onderwijsondersteunend personeel is uitgesloten.