Naar hoofdinhoud
1.. Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid en 4:35 van de Awb, weigeren burgemeester en wethouders in ieder geval: als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift; als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; de aanvrager een vrij besteedbaar vermogen heeft dat ten minste vier keer zo hoog is als het subsidiebedrag waarvoor hij op grond van een positieve beoordeling in aanmerking zou komen als het eigen vermogen niet meetelt. Subsidies tot en met € 50.000 zijn uitgezonderd van deze weigeringsgrond. als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt. 2.. Onverminderd het vorige lid weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder geval als de Subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat: subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader. 3.. Bij nadere subsidieregeling kunnen aanvullende weigeringsgronden worden gesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel