1. Een hond heeft een incident veroorzaakt.
2. De eigenaar/houder van het benadeelde (verwondde) dier of het slachtoffer doet hiervan melding bij de politie of uit (eigen)onderzoek blijkt dat een hond een gevaar vormt voor de omgeving.
3. De politie of gemeente maakt een bestuurlijke rapportage op over het incident dat bij hen binnen komt. In deze bestuurlijke rapportage staan de bevindingen van de politie en informatie die in de systemen van de politie bekend is.
4. De betrokken partijen worden bij elkaar gebracht. Onderling probeert men de zaak op te lossen en de eventuele schade te vergoeden. De politie verzend de rapportage naar de gemeente.
5. De gemeente verstuurt naar aanleiding van de bestuurlijke rapportage een brief naar de eigenaar/houder van de hond die als gevaarlijk wordt gezien en/of een incident heeft veroorzaakt. In deze brief wordt de eigenaar/houder van de hond gewezen op de regels over loslopende honden (indien van toepassing). Daarnaast wordt de eigenaar/houder van de hond erop gewezen dat wanneer de hond nogmaals een incident veroorzaakt, de hond als gevaarlijk kan worden aangemerkt en een kort aanlijn- en/of muilkorfgebod wordt opgelegd.
Artikel 1
1e incident
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit gevaarlijke honden artikel 2:59 Algemene Plaatselijke Verordening