Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 10

De hoogte en duur van de maatregel

Onderdeel van Maatregelverordening Wet investeren in jongeren

Deze bepaling bevat de verlaging voor de twee categorieën van gedragingen die verband houden met het geen of onvoldoende medewerking verlenen aan het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, een leerwerkaanbod of een traject op weg daar naar toe. De hoogte en duur van de verlaging zal individueel moeten worden vastgesteld, waarbij gekeken zal moeten worden naar de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de individuele omstandigheden van de betrokkene indien de verordening daarin niet voorziet. In lid 4 wordt bedoeld dat je als jongere naar je beste vermogen moet meewerken aan een werkleeraanbod. Indien de jongere die niet doet kan de inkomensvoorziening worden ingetrokken.

Rechtspraak bij dit artikel