**1..** De subsidieontvanger dient uiterlijk 13 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in.
**2..** De aanvraag tot vaststelling bevat in ieder geval:
een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht;
een vergelijking tussen de nagestreefde en gerealiseerde doelstellingen en resultaten, inclusief toelichting op eventuele verschillen;
een financieel verslag waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen de begrote en werkelijke kosten van de activiteiten en een toelichting wordt gegeven op de eventuele verschillen; en
**d..** voor rechtspersonen zonder winstoogmerk een verklaring van een onafhankelijke kascommissie.
**3..** Het college kan bij verleningsbeschikking bepalen dat het gestelde in artikel 20 lid 2 en 3 van de ASVL geheel dan wel gedeeltelijk van toepassing is.
**4..** De aanvraag tot vaststelling bevat, aanvullend aan artikel 19, tweede lid, van de ASVL tevens:
alle op het activiteit betrekking hebbende opdrachten, facturen en bankafschriften;
een onderbouwing van de behaalde resultaten op de voorwaarden genoemd in artikel 3.
**5..** Een subsidie kan lager of op nihil worden vastgesteld als niet voldaan wordt aan het gestelde in artikel 10 lid 2 onder a t/m c.
**6..** Een subsidie wordt te allen tijde op nihil vastgesteld indien er niet wordt voldaan aan artikel 10 lid 2 onder d.
Artikel 17.