Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Artikel 4

Uitvoering begroting

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Rheden 2019

1.. Het college stelt regels die waarborgen dat de uitvoering van de programmabegroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt. 2.. Het college draagt ten aanzien van de begrotingsuitvoering de zorg voor: a.. een eenduidige toewijzing van de lasten en baten, door middel van een kostentoerekening, aan de producten van de productenraming; b.. het voorkomen van overschrijdingen (respectievelijk onderschrijden) van de begrote lasten (respectievelijk de baten) van de programma’s, zoals door de raad geautoriseerd bij de (gewijzigde) begroting; c.. de toedeling van de budgetten en investeringskredieten aan de productenraming binnen de kaders, zoals door de raad geautoriseerd bij de vaststelling van de begrotingsuitgangspunten zoals bedoeld in artikel 2, lid 5; d.. duidelijke uitgangspunten inzake het omgaan met de incidentele beschikbare begrotingsruimte. Deze uitgangspunten worden opgenomen in de programmabegroting; e.. dat wijzigingen op de oorspronkelijk geraamde structurele lasten en baten in de productenraming aan de raad ter autorisatie worden voorgelegd, indien: nieuwe zaken zich voordoen; deze wijzigingen leiden tot een verandering van de omvang van een programmabudget. 3.. Indien incidentele middelen in het jaar van beschikbaarstelling niet zijn besteed en daarmee de doelstelling nog niet is gerealiseerd mag hiervoor een bestemmingsreserve worden gevormd ter hoogte van maximaal het niet bestede bedrag. De gereserveerde middelen worden toegevoegd aan de begroting van het volgende jaar. Uiterlijk twee jaar na ontstaan van de bestemmingsreserve vervalt de bestemmingsreserve. 4.. Het college kan voor wat betreft de maximale termijn van twee jaar gemotiveerd afwijken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel