Voor de gebiedsindeling van de fietsparkeernormen is de indeling gebruikt die CROW hanteert in de Leidraad Fietsparkeren. Er wordt onderscheid gemaakt in drie gebieden, namelijk:
1. centrum;
2. schil centrum;
3. rest bebouwde kom.
Deze gebiedsindeling hebben we gekoppeld aan de ABC-indeling van 'Utrecht Aantrekkelijk en Bereikbaar'. Op deze wijze wordt een uniform beleid verkregen en is de indeling voor iedereen helder:
■ centrum = zone A1 en A2;
■ schil centrum = zone B1;
■ rest bebouwde kom = zone B2, C1 en C2.
In figuur 4.1 (deel B) is deze gebiedsindeling weergegeven, ook de autoparkeernormen zijn gekoppeld aan deze ABC-indeling.
2.2 Functies parkeernormen
Voor de fietsparkeernorm worden de volgende categorieën functies gehanteerd:
■ wonen;
■ werken;
■ winkels;
■ vrije tijd;
■ zorg;
■ onderwijs;
■ overig.
De autoparkeernormen kennen dezelfde indeling.
Voor een beperkt aantal functies (supermarkt, cultureel centrum/wijkgebouw en kinderdagverblijven) is aanvullend onderzoek uitgevoerd om de hoogte van de fietsparkeernorm te bepalen, omdat de CROW-kencijfers niet goed toegepast kunnen worden op de Utrechtse praktijk.
Voor een aantal functies is geen norm bepaald (zie tabel in paragraaf 2.3), maar zal per ontwikkeling bepaald worden hoeveel fietsparkeerplaatsen gerealiseerd moeten worden. Dit is afhankelijk van de specifieke locatie, de functie en de doelgroep.
Daarnaast wordt voor een stadion, een evenementenhal en een beurs- en congresgebouw de benodigde capaciteit beoordeeld aan de hand van een mobiliteitsplan. In het mobiliteitsplan dient aangegeven te worden hoe bij verschillende evenementen om wordt gegaan met fietsparkeren.
In Bijlage A1 worden de functies verder toegelicht.
Hoofdstuk › Paragraaf 2
Artikel 2.1
Gebiedsindeling fietsparkeernormen
Onderdeel van Beleidsregels Parkeernormen Fiets en Auto 2019 (Bijlage I Nota Stallen en parkeren)