Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning intrekken of weigeren, indien:
het huishouden met een huisvestingsvergunning de woonruimte niet binnen de in de vergunning gestelde termijn in gebruik heeft genomen;
de vergunning is verleend op grond van door het huishouden verstrekte gegevens, waarvan deze wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren;
ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om:
uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of
strafbare feiten te plegen;
het verlenen van de vergunning het in gebruik hebben door de aanvrager van meer dan één woonruimte tot gevolg heeft of
er gehandeld wordt in strijd met de voorwaarde(n) van de vergunning.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.5
Intrekking en weigering
Onderdeel van Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019, gemeente Utrechtse Heuvelrug