Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 28

Nadere regels individuele studietoeslag

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Kempengemeenten 2019

In aanvulling op artikel 11 van de Re-integratieverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 geldt: Belanghebbende kan in aanmerking komen voor een individuele studietoeslag als de belanghebbende voldoet aan de voorwaarden zoals gesteld in art. 36b lid 1 onder a, b, c en d van Participatiewet op de datum van de aanvraag. De hoogte van de individuele studietoeslag bedraagt 25% van het wettelijk bruto minimumloon dat voor de belanghebbende geldt. Belanghebbende kan slechts eenmaal per zes maanden in aanmerking komen voor een individuele studietoeslag. De individuele studietoeslag wordt maandelijks uitbetaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel