Naar hoofdinhoud
1.. De rechthebbende van een pleziervaartuig is verplicht ervoor te zorgen dat zijn vaartuig, zo lang het een afmeerplaats inneemt, deugdelijk en behoorlijk is afgemeerd; 2.. De afstand tussen afgemeerde pleziervaartuigen dient minimaal 1 meter te bedragen; 3.. In het belang van het aanzien van de gemeente is het verboden een vaartuig af te meren of afgemeerd te hebben dat in kennelijk verwaarloosde toestand verkeert. 4.. Het is verboden twee of meer vaartuigen naast elkaar af te meren; 5.. Aanwijzingen van medewerkers van de gemeente, de politie, het Hoogheemraadschap van Delfland, gegeven in het belang van de openbare orde en veiligheid dienen onmiddellijk en onvoorwaardelijk te worden opgevolgd; 6.. Indien ter plaatse in het water of aan de kademuren van gemeentewege werkzaamheden moeten worden verricht, moet het vaartuig op de eerste aanzegging door of namens burgemeester en wethouders worden verwijderd. De vergunninghouder wordt hiervan tenminste een week van tevoren schriftelijk op de hoogte gesteld, behoudens in bijzondere gevallen; 7.. De ligplaats dient te worden ingenomen in overeenstemming met de bij de vergunning behorende tekening. Het is de vergunninghouder niet toegestaan elders in de Noordvliet of Zuidvliet een andere ligplaats in te nemen dan die hem is toegewezen, anders dan in nauw overleg met de havenmeester; 8.. Indien de aangewezen ligplaats door een andere boot is ingenomen is de vergunninghouder verplicht hiervan onmiddellijk melding te maken aan de havendienst, telefoon 010-5912852; 9.. Het vaartuig moet stevig worden afgemeerd. Ten aanzien van het afmeren geldt dat het verboden is af te meren aan voorwerpen die daar niet toe bestemd zijn, dit zijn bijv. verkeersborden, banken, fietsenrekken, bomen, straatverlichting, e.d. Het is niet toegestaan om een vaartuig met behulp van ankers af te meren; 10.. Bij het afmeren van het vaartuig moet schade aan de kademuren of walkanten worden voorkomen, door gebruik te maken van voldoende beveiliging door middel van vaartuig geëigende fenders, stootwillen, e.d.. Vaartuigen mogen slechts worden afgemeerd aan voorzieningen die door de gemeente beschikbaar zijn gesteld; 11.. Er mag door het gebruik van het vaartuig geen overlast voor derden ontstaan; 12.. Het pleziervaartuig moet in het midden van de ligplaats (nummermarkering) worden afgemeerd; het afmeren van meerdere boten op de ligplaats dan wel naast het vaartuig waarvoor deze vergunning geldt, is niet toegestaan. Voor het afgemeerd houden van het vaartuig op of tegen de kade mogen geen bootvreemde materialen worden gebruikt, een en ander ter beoordeling van de havenmeester; 13.. De houder van de vergunning dient zodanige maatregelen te nemen dat schade aan eigendommen van derden wordt voorkomen.

Rechtspraak bij dit artikel