De vergunning kan door het college worden ingetrokken of gewijzigd indien:
ter verkrijging daarvan onjuiste gegevens zijn verstrekt;
de gegevens op de vergunning – door actie van de vergunninghouder – niet meer overeenstemmen met de werkelijke situatie;
in strijd wordt gehandeld met de in artikel 6, lid 2 van dit reglement genoemde belangen;
de aan de vergunning verbonden voorschriften niet zijn of worden nagekomen;
van de vergunning geen gebruik wordt gemaakt;
de houder dit verzoekt.
Hoofdstuk
Artikel 8