Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1:

Artikel 1

- Begripsbepalingen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019 gemeente Hollands Kroon

Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: algemeen gebruikelijke voorziening: voorziening die niet speciaal is bedoeld voor mensen met een beperking en die algemeen verkrijgbaar is en niet duurder is dan vergelijkbare voorzieningen; andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; eigen bijdrage: bijdrage als bedoeld in artikel 2.1.4, eerste lid, van de wet; college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hollands Kroon; gemeente: gemeente Hollands Kroon; gesprek: gesprek in het kader van het onderzoek als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; informele zorg: mantelzorg en vrijwilligerszorg zijn vormen van informele zorg; ingezetene: degene die in de basisregistratie personen van de gemeente is ingeschreven en feitelijk in deze gemeente verblijft; mantelzorg: hulp ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen, opvang, jeugdhulp, het opvoeden en opgroeien van jeugdigen en zorg en overige diensten als bedoeld in de Zorgverzekeringswet, die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep; melding: melding aan het college als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; maatwerkvoorziening: een op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen: ten behoeve van zelfredzaamheid, daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger, het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen; ten behoeve van participatie, daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen; ten behoeve van beschermd wonen en opvang. minderjarige: een jeugdige tot 18 jaar; persoonlijk plan: een plan waarin de cliënt de omstandigheden als bedoeld in artikel 2.3.2, vierde lid, onderdelen a tot en g, van de wet beschrijft en aangeeft welke maatschappelijke ondersteuning naar zijn/haar mening het meest is aangewezen; persoonsgebonden budget (hierna ook: ‘pgb’): persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1 van de wet; voorliggende voorziening: een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling waarmee aan de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning wordt tegemoetgekomen; vervoersbudget: een ten behoeve van maatschappelijke participatie verleende tegemoetkoming in de kosten die verband houden met verplaatsingen in de rond de woonplaats gelegen regio, welke tegemoetkoming periodiek op declaratiebasis wordt uitbetaald; (rolstoel)taxivergoeding: een ten behoeve van maatschappelijke participatie verleende vergoeding van de kosten die verband houden met verplaatsingen per (rolstoel)taxi in de rond de woonplaats gelegen regio, welke vergoeding eens per maand op declaratiebasis wordt uitbetaald; wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel