Om de veiligheid van ondersteuningsvragers te waarborgen moet degene die de ondersteuning levert, beschikken over een VOG met screeningsprofiel 45 ‘gezondheidszorg en welzijn van mens en dier’. De VOG is ook verplicht gesteld voor bestuurders van zorgorganisaties. Alleen als de ondersteuning wordt geboden door een persoon uit het sociale netwerk, kan ervoor worden gekozen geen verklaring omtrent gedrag te eisen. Bij directe familie (familie in de eerste of tweede graad) zal dit eerder het geval zijn dan bij personen die verder van de ondersteuningsvrager af staan (denk aan kennissen) die de ondersteuning leveren.
Zorg in natura
Personeel dat in contact komt met de cliënt is in het bezit van een VOG. Deze verklaring dient specifiek voor de betreffende functie die door de medewerker wordt uitgevoerd te zijn afgegeven. De VOG mag niet eerder zijn afgegeven dan drie maanden voor het tijdstip waarop betrokkene bij de aanbieder in dienst is getreden. Deze verklaring dient op eerste verzoek van de gemeente per omgaande te worden overgelegd. Na indiensttreding draagt de aanbieder er zorg voor dat voor de medewerker ten minste eenmaal per drie jaar een nieuwe VOG wordt aangevraagd en verkregen.
Pgb
Bij de aanvraag voor ondersteuning in de vorm van een pgb verstrekt de cliënt een VOG van de uitvoerder van de zorg. De VOG dient specifiek voor de betreffende functie die door de medewerker wordt uitgevoerd te zijn afgegeven. De VOG dient op het moment van de aanvraag niet langer dan 1 jaar geleden te zijn afgegeven.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.6
Verklaring omtrent gedrag (VOG)
Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Almelo 2019