Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9

Artikel 9.1

Evalueren van de ondersteuning

Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Almelo 2019

Het college heeft verschillende mogelijkheden om de uitvoering van de ondersteuning te toetsen. De zorgverlener dient iedere 6 maanden een evaluatiegesprek te houden met de cliënt. Tijdens dit gesprek wordt de ondersteuning geëvalueerd. Er wordt beoordeeld of de gestelde doelen behaald kunnen worden en of het noodzakelijk is om de gestelde doelen bij te stellen. De zorgverlener stelt een evaluatieverslag op en deelt dit met de cliënt en/of pgb-beheerder. Dit evaluatieverslag wordt bij het volgende gesprek met de coach besproken. De cliënt stuurt het evaluatieverslag tijdig voorafgaand aan het gesprek toe naar de coach. Uitgangspunt is dat de coach de ondersteuning 1 keer per jaar evalueert, maar indien er veranderingen in de situatie zijn dan zal de evaluatie vaker plaatsvinden. Er vindt een gesprek plaats tussen de coach, de cliënt en eventueel de pgb-beheerder. Het is aan de beoordeling van het college te bepalen wie er eventueel nog meer aanwezig zijn. Tijdens dit gesprek wordt getoetst of de ondersteuning daadwerkelijk passend is bij de situatie van de cliënt. Naast dit evaluatiegesprek kan te allen tijde een periodieke toetsing gehouden worden, wanneer daar aanleiding toe is. Steekproefsgewijze controle behoort ook tot de mogelijkheden. In zowel het evaluatiegesprek, als de periodieke toetsing en de steekproefsgewijze controle wordt gecontroleerd of de ondersteuning doel- en rechtmatig wordt ingezet. Onder doelmatig wordt verstaan of de doelen en resultaten, zoals geformuleerd in het ondersteuningsplan, worden gehaald. Onder rechtmatig wordt verstaan of de cliënt, eventueel de pgb-beheerder en de zorgverlener(s) zich houden aan de afspraken zoals vastgelegd in het ondersteuningsplan, het zorgplan en eventueel de zorgovereenkomst. Daarmee wordt getoetst of de ondersteuning of het budget aangewend wordt voor datgene waarvoor het bestemd is.

Rechtspraak bij dit artikel