Een urgentieverklaring kan worden verleend aan een herstructureringskandidaat, indien zich geen van de in artikel 4:5, onder a tot en met l van de verordening genoemde omstandigheden voordoet en:
er niet al eerder een urgentieverklaring is afgegeven voor de in het actiegebied gelegen woonruimte van de herstructureringskandidaat;
de aanvraag voor urgentie, met de handtekening van de herstructureringskandidaat, wordt ingediend door de uitplaatsende corporatie;
vindt er op basis van artikel 3.2.1. een eenmalige bemiddeling plaats door de corporaties, indien de urgent na 12 maanden geen woning heeft gevonden. Indien dit niet leidt tot een verhuizing wordt een ontruimingsprocedure gestart.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.5