Het is niet zomaar toegestaan om grond of baggerspecie ergens te ontgraven en op een andere locatie te hergebruiken of op te slaan. Er moet voorkomen worden dat met het tijdelijk opslaan of het toepassen van grond of baggerspecie de onderliggende bodem verontreinigd raakt of dat het risico’s vormt voor toekomstig bodemgebruik.
De wet- en regelgeving voor het toepassen of tijdelijk opslaan van grond en baggerspecie is opgenomen in het Besluit bodemkwaliteit en de Regeling bodemkwaliteit. Hergebruik is verantwoord als het schone of licht verontreinigde grond en/of baggerspecie betreft en de kwaliteit aansluit bij de gebruiksfunctie.
De toetsing of er sprake is van verantwoord hergebruik vindt plaats door een dubbele toets uit te voeren. De bodemfunctie wordt vastgesteld én de kwaliteit van de partij grond wordt vastgesteld. Als deze bij elkaar passen, is toepassing van grond toegestaan. In tabel 2.1 is weergegeven hoe via de dubbele toetsing wordt gekomen tot de toepassingseisen.
Tabel 2.1 Afleiden toepassingseisen in het generieke kader