**1..** Het college trekt een vaste standplaatsvergunning in:
op schriftelijke aanvraag van de vergunninghouder; of
twee maanden na diens overlijden of ondercuratelestelling, tenzij een aanvraag tot overschrijving is ingediend overeenkomstig artikel 7.
**2..** Het college kan een vaste standplaatsvergunning intrekken voor bepaalde of onbepaalde tijd:
als de vergunninghouder ter verkrijging van de vergunning onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt;
als de vergunninghouder, degene die als vervanger optreedt of een persoon die de vergunninghouder bijstaat zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog of een bij of krachtens deze verordening, het inrichtingsplan of de vergunning gestelde bepaling heeft overtreden;
als van de vergunning gedurende ten minste één maand geen gebruik is gemaakt; of
als de vergunninghouder niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.
**3..** In geval van intrekking voor bepaalde tijd kan tevens worden bepaald dat de toegewezen standplaats vervalt.
**4..** Als de vergunninghouder of de overeenkomstig artikel 9 aangewezen vervanger zijn of haar standplaats niet uiterlijk bij aanvang van de markt heeft ingenomen, kan de vergunning op aanwijzing van de marktmeester voor de rest van de dag vervallen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 8.