Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 30.

Aanvullende bepalingen urgentiecategorie artikel 19 lid 2 onder d (relatiebeëindiging)

Onderdeel van Huisvestingsverordening 2019-2023 gemeente Barneveld

1.. Bij beëindiging van een samenwoningvorm wordt geen urgentie verleend, tenzij: het huwelijk dan wel de samenleving tenminste twee jaar heeft bestaan; sprake is van aantoonbare zorg voor één of meer minderjarige kinderen, geregistreerd in de BRP op het adres van de aanvrager; de aanvrager niet vrijwillig de woning heeft verlaten; en de aanvrager geen aanspraak kan maken op de woning waaruit hij of zij vertrekt/dan wel is vertrokken. 2.. Bij het aanvragen van urgentie op grond van relatiebeëindiging moeten, voor zover relevant, de volgende aanvullende bewijsstukken worden aangeleverd: een ouderschapsplan; een ondertekend echtscheidingsconvenant of een beschikking van de rechtbank. een ondertekende overeenkomst tot beëindiging van het partnerschap of een beschikking van de rechtbank; een ondertekende overeenkomst tot beëindiging van de samenlevingsovereenkomst; een ondertekende vaststellingsovereenkomst, waarin tenminste is vastgelegd: de aanvangsdatum van het samenwonen, blijkend uit de inschrijving in de BRP; de datum van ontbinding van de relatie; de regeling over de hoofdverblijfplaats van de kinderen; en een beschikking van de rechtbank met betrekking tot het claimen van de huidige woning. 3.. De aanvraag voor een urgentie moet binnen twee maanden na de gerechtelijke uitspraak of het verbreken van de samenleving worden ingediend. 4.. Slechts één van de scheidende partijen kan in aanmerking komen voor een urgentie.

Rechtspraak bij dit artikel