**1..** Bij beëindiging van een samenwoningvorm wordt geen urgentie verleend, tenzij:
het huwelijk dan wel de samenleving tenminste twee jaar heeft bestaan;
sprake is van aantoonbare zorg voor één of meer minderjarige kinderen, geregistreerd in de BRP op het adres van de aanvrager;
de aanvrager niet vrijwillig de woning heeft verlaten; en
de aanvrager geen aanspraak kan maken op de woning waaruit hij of zij vertrekt/dan wel is vertrokken.
**2..** Bij het aanvragen van urgentie op grond van relatiebeëindiging moeten, voor zover relevant, de volgende aanvullende bewijsstukken worden aangeleverd:
een ouderschapsplan;
een ondertekend echtscheidingsconvenant of een beschikking van de rechtbank.
een ondertekende overeenkomst tot beëindiging van het partnerschap of een beschikking van de rechtbank;
een ondertekende overeenkomst tot beëindiging van de samenlevingsovereenkomst;
een ondertekende vaststellingsovereenkomst, waarin tenminste is vastgelegd:
de aanvangsdatum van het samenwonen, blijkend uit de inschrijving in de BRP;
de datum van ontbinding van de relatie;
de regeling over de hoofdverblijfplaats van de kinderen; en
een beschikking van de rechtbank met betrekking tot het claimen van de huidige woning.
**3..** De aanvraag voor een urgentie moet binnen twee maanden na de gerechtelijke uitspraak of het verbreken van de samenleving worden ingediend.
**4..** Slechts één van de scheidende partijen kan in aanmerking komen voor een urgentie.
HOOFDSTUK 4.
Artikel 30.
Aanvullende bepalingen urgentiecategorie artikel 19 lid 2 onder d (relatiebeëindiging)
Onderdeel van Huisvestingsverordening 2019-2023 gemeente Barneveld