Naar hoofdinhoud
Binnen de maatwerkvoorziening begeleiding maken we het onderheid tussen de producten begeleiding individueel, begeleiding groep, en kortdurend verblijf. Of de cliënt is aangewezen op begeleiding individueel of begeleiding in groepsverband, wordt bepaald door de afweging wat zorginhoudelijk het meest doelmatig is. Begeleiding in groepsverband is voorliggend op begeleiding individueel als hetzelfde doel wordt beoogd. Begeleiding groep Begeleiding groep is de aangewezen vorm van begeleiding voor cliënten waarbij de zorgbehoefte gericht is op het daadwerkelijk bieden van dagstructuur. Bij alle indicaties voor begeleiding groep wordt de afweging gemaakt of er wel of geen vervoer naar en van de groepsopvang noodzakelijk is. Hierbij wordt beoordeeld of de cliënt in staat is zelf naar de groepsopvang te reizen. Toezicht tijdens het vervoer wordt niet afzonderlijk geïndiceerd. Er mag namelijk worden aangenomen dat het niveau van het vervoer (inclusief het toezicht) naar de groepsopvang is aangepast aan de cliënten die worden vervoerd. Begeleiding individueel Begeleiding individueel is de aangewezen vorm van begeleiding voor cliënten waarbij de zorgbehoefte gelegen is in bijvoorbeeld het één of meerdere keren per week bieden van hulp bij het doornemen van de dag- of weekstructuur en niet in het daadwerkelijk bieden van die dagstructuur. Ook als er medische contra-indicaties zijn voor begeleiding in groepsverband, kunnen de activiteiten in de vorm van de aanspraak begeleiding individueel worden geïndiceerd. Het gaat dan om personen waarvoor op medische gronden een contra-indicatie geldt voor deelname aan een groep geboden door een instelling, zoals infectiegevaar of ernstige energetische beperkingen. Op basis van het zorgdoel voor de cliënt kunnen begeleiding individueel en begeleiding in groepsverband gecombineerd worden aangewezen. Kortdurend verblijf (respijtzorg) Indien nodig kan vanuit de Wmo een maatwerkvoorziening voor kortdurend verblijf worden ingezet, welke gericht is op de ontlasting van de huisgenoot, partner of ouder die feitelijk de gebruikelijke zorg op zich neemt. Als is vastgesteld dat de ouder(s), partner of andere huisgenoten in de thuissituatie overbelast is/zijn, of dit door het bieden van gebruikelijke zorg dreigt/dreigen te raken en daarom niet meer in staat is/zijn de gebruikelijke zorg te leveren, moet deze gebruikelijke (ver)zorger eigen mogelijkheden en/of voorliggende voorzieningen zoeken om de overbelasting op te heffen. Als dit onvoldoende oplossing biedt, zal er in samenspraak met de zorgverzekeraar(s) moeten worden afgestemd welke ondersteuning vanuit welke regelgeving ingezet moet worden. Wet Wmo/Jeugdwet Wlz Zvw Benaming Kortdurend verblijf (respijtzorg) Logeeropvang Kortdurend eerstelijns verblijf Voor wie Mensen met Wmo of Jeugdzorg, ten behoeve van het ontlasten van de mantelzorger Mensen met Wlz indicatie die thuis wonen (incl. ‘Wlz indiceerbaren’) Mensen met tijdelijke behoefte aan medisch noodzakelijk verblijf

Rechtspraak bij dit artikel