Maatwerk
Voor alle cliënten geldt dat de omvang van de begeleiding maatwerk is. Er is geen standaardindicatie in een cliëntsituatie, maar er wordt gekeken naar de totale cliëntsituatie. De gemeente stelt samen met de cliënt een ondersteuningsplan op. Hierin wordt, naast een beschrijving van de te behalen resultaten, benoemd of de cliënt valt in de categorie licht, midden, zwaar of offerte. Bij het bepalen van de categorie wordt rekening houden met de volgende normen wat betreft de zorgintensiteit:
Begeleiding groep
Dagdelen
Licht
1 t/m 4
Midden
5 t/m 7
Zwaar
8 t/m 9
Begeleiding individueel
Per week
Licht
Tot 4 uur per week
Midden
Vanaf 4 uur tot 7 uur per week
Zwaar
Vanaf 7 uur tot 13 uur per week
Offerte
Vanaf 13 uur per week
Naast de zorgintensiteit (frequentie/uren) wordt er bij de categorie-indeling rekening te houden met de zorgcomplexiteit: ernst van de stoornis, hoeveel partijen zijn betrokken bij de ondersteuning, en het aantal te behalen resultaten.
De voor de zorgaanbieder relevante informatie uit het ondersteuningsplan wordt door de gemeente doorgestuurd naar de door de cliënt gekozen zorgaanbieder.
Persoonsgebonden budget
Bij de verstrekking van de maatwerkvoorziening begeleiding in de vorm van een PGB, worden de vastgestelde resultaten door het college vertaalt naar de categorie die heb beste past bij de cliënt. De adviseur kan gemotiveerd afwijken door de ondersteuning in uren en minuten te berekenen.
Leveringsplan
De uiteindelijke omvang van de ondersteuning wordt bepaald door de frequentie x de activiteiten en wordt uitgebreid beschreven in het leveringsplan dat door de zorgverlener en de cliënt samen wordt opgesteld. De gemeente heeft in samenwerking met de zorgaanbieders een format opgesteld voor het leveringsplan (zie bijlage 2b), wat door alle zorgaanbieders gebruikt dient te worden. De resultaatgebieden en – afspraken zoals (zie bijlage 4) zijn leidend bij het tot stand komen van het leveringsplan en zowel geldend bij ondersteuning via zorg in natura als middels pgb.
Toetsing leveringsplan
Voordat een besluit wordt genomen, wordt het leveringsplan met de daarin beschreven omvang van de ondersteuning door het college getoetst. Hierbij wordt gekeken of de beschreven activiteiten en frequentie recht doen aan de huidige situatie van de cliënt. Indien het college van mening is dat dit niet het geval is, wordt de zorgaanbieder verzocht om het leveringsplan aan te passen. Indien het leveringsplan akkoord is bevonden, wordt het leveringsplan onderdeel gemaakt van het beschikking. Zo is het voor cliënten duidelijk wat zij mogen verwachten van de ondersteuning.
Hoofdstuk 6.
Artikel 22.