Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: Wet: Participatiewet Volwassene: de meerderjarige persoon tot de AOW-gerechtigde leeftijd die ten behoeve van zichzelf een voorziening in het kader van deze verordening verzoekt. Partner: de persoon die al of niet gehuwd met de volwassene een gezamenlijke huishouding voert, tenzij het betreft een bloedverwant in de eerste graad. Inkomen: het inkomen zoals bedoeld in artikel 31, 32 en 33 van de wet verminderd met de ontvangen vakantietoeslag. Tot het inkomen wordt ook gerekend de bijstand voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan zoals genoemd in artikel 5 onder b van de wet. Bij een gehuwde of samenwonende wordt uitgegaan van de som van het inkomen van de aanvrager en zijn partner. Peilmaand: de maand voorafgaand aan de maand waarin het verzoek om een tegemoetkoming is gedaan. Norm: bedrag voor de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, zoals bedoeld in artikel 5 onder c van de wet maar verminderd met de in de wet geldende vakantietoeslag; Vermogen: het vermogen van belanghebbende zoals bedoeld in artikel 34 van de wet. Bij een gehuwde of samenwonende wordt uitgegaan van de som van het vermogen van aanvrager en zijn partner. Zelfstandige: de volwassene die voor de voorziening in het bestaan geheel of gedeeltelijk is aangewezen op arbeid in eigen bedrijf of zelfstandig beroep en de financiële risico’s daarover draagt. Maatschappelijke of culturele activiteit: een bezigheid van een volwassene waaraan kosten verbonden zijn door aanschaf van een museumjaarkaart, lidmaatschap van de bibliotheek Zwolle, entree of lidmaatschap van een sportgelegenheid of vervoer.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel