Omschrijving van de kosten
Kosten van woninginrichting kunnen bestaan uit:
een volledige inrichting, meest voorkomend bij toewijzing van een woning aan statushouders;
een gedeeltelijke inrichting na verhuizing of echtscheiding;
vervanging van inboedel of stoffering in geval van slijtage.
Gedeeltelijke woninginrichting of vervanging van inboedel of stoffering
De kosten van woninginrichting zijn kosten die betaald kunnen worden van de bijstandsnorm en/of de inkomenstoeslag Als dit niet mogelijk is en is er ook geen spaargeld om de kosten van te betalen, dan kan ter zake van de kosten bijzondere bijstand worden verleend. Onder spaargeld dient in dit verband het volgende te worden verstaan: het saldo op de lopende rekening(en) plus het saldo op spaarrekening(en) minus de van toepassing zijnde bijstandsnorm exclusief vakantietoeslag
De bijzondere bijstand wordt in de vorm van een renteloze geldlening verleend als er verwijtbaar niet (voldoende) gespaard is. De bijzondere bijstand wordt om niet verleend als er niet verwijtbaar niet (voldoende) gespaard is.
Volledige woninginrichting
Van statushouders die zich vanuit een Asielzoekerscentrum in een woning in de gemeente Schagen vestigen, kan niet verwacht worden dat zij reserveren. Zij krijgen een volledige inrichting. De bijzondere bijstand in de kosten van een volledige woninginrichting bestaat uit de volgende twee componenten:
een gift, zijnde een forfaitair bedrag van € 1.000,-. welk bedrag besteed moet worden aan het witgoed;
een renteloze geldlening, waarvan de hoogte afhangt van de gezinssamenstelling (zie onderstaande tabel) en die bestemd is voor de overige kosten van woninginrichting (meubels, tv, stoffering etc. ).
Het ene deel van de bijzondere bijstand inzake de kosten van woninginrichting wordt om niet verleend Onder witgoed wordt het navolgende verstaan: wasmachine, koelkast, stofzuiger en gasfornuis.
Het andere deel van de bijzondere bijstand wordt verstrekt in de vorm van renteloze geldlening. Er moet maximaal over een periode van drie jaren 5% van de bijstandsnorm inclusief vakantiegeld worden terugbetaald. Nadat aan de aflossingsverplichting is voldaan, wordt het restantbedrag kwijtgescholden. Dit wordt vermeld in de toekenningsbeschikking.
De bijzondere bijstand in kosten van een zowel een gedeeltelijk als volledige woninginrichting wordt verleend in de vorm van een renteloze geldlening. De gemeente brengt dus geen rente bij de klant in rekening. De reden hiervoor is dat het binnen de bestaande applicatie niet mogelijk is om rente te berekenen. Als je er als gemeente toch voor kiest om rente bij de klant in rekening te brengen, dan dient de rente handmatig te worden berekend. Dit handmatig berekenen van de rente is een tamelijk arbeidsintensieve aangelegenheid. De kosten om de rente te berekenen zullen vrijwel zeker hoger zijn dan de rente die bij de klant in rekening wordt gebracht.
Gezinssamenstelling
Totaal = 55% van het bedrag voor volledige inrichting Nibud-prijzengids
Om niet, bestemd voor witgoed
Renteloze geldlening, bestemd voor de overige kosten woninginrichting
Alleenstaande
3.700
1.000
2.700
Echtpaar
4.200
1.000
3.200
Alleenstaande ouder met 1 kind
4.100
1.000
3.100
Alleenstaande ouder met 2 kinderen
4.500
1.000
3.500
Alleenstaande ouder met 3 kinderen
5.100
1.000
4.100
Alleenstaande ouder met 4 kinderen
5.500
1.000
4.500
Echtpaar met 1 kind
4.600
1.000
3.600
Echtpaar met 2 kinderen
5.200
1.000
4.200
Echtpaar met 3 kinderen
5.600
1.000
4.600
Echtpaar met 4 kinderen
6.100
1.000
5.100
Hoogte van bijzondere bijstand
Bij het vaststellen van de hoogte van de bijzondere bijstand is aansluiting gezocht bij de NIBUD-prijzengids, met dien verstande dat deze normbedragen van het NIBUD met 45% worden verlaagd. Hieraan ligt de overweging ten grondslag dat vandaag de dag meubels voor een relatief lage prijs kunnen worden gekocht bij de kringloopwinkels of via het internet (bijvoorbeeld Marktplaats of Marktnet). Deze beleidskeuze past bovendien bij het uitgangspunt dat bij bijstandsverlening uitgegaan moet worden van de goedkoopst adequate oplossing.
Uitbetaling bijzondere bijstand
De bijzondere bijstand in de kosten van woninginrichting wordt aan de cliënt uitbetaald in twee termijnen:
tweederde van het totale bedrag wordt uitbetaald op de eerste dag na de regeldag;
het restende bedrag (een derde van het totale bedrag) wordt uitbetaald op eerste dag na het keukentafelgesprek, doch uiterlijk op de 22e dag na de regeldag. Het keukentafelgesprek dient immers binnen 3 weken na de regeldag plaats te vinden.
Begeleiding Vluchtelingenwerk
De statushouder hoeft de aanschaf van goederen niet aan de gemeente te verantwoorden door middel van bonnen
Voorwaarde bij deze werkwijze is dat de statushouder door vluchtelingenwerk begeleid wordt tijdens het proces van aanschaffen van de spullen (oriënteren op de mogelijkheden en de kostprijzen in verhouding tot beschikbare budget en de uiteindelijke aanschaf)
Deze begeleiding is maatwerk, passend bij budgettaire zelfredzaamheid/inzichten van de statushouder, maar vraagt dus wel in de eerste weken op dit onderdeel hoe dan ook vinger aan de pols houden. De begeleiding is ook daar waar nodig, concreet gericht op het bevorderen van de budgettaire vaardigheden van de statushouder
Tijdens het keukentafelgesprek wordt de woninginrichting (besteding woonkostenvergoeding) besproken en beoordeelt de consulent hoe dit verloopt en of (dan wel onder welke voorwaarden/ afspraken) het restant bedrag kan worden overgemaakt.
Wanneer Vluchtelingwerk al eerder problemen signaleert of meent dat de klant het budget aan andere zaken besteedt, schaalt zij eerder op naar de wijkteamconsulent.
Uitgangspunt bij dit proces is dat de statushouder uiteindelijk zelf verantwoordelijk is voor een doelmatige en rechtmatige besteding van de van gemeentewege verstrekte middelen. De consequenties van een ondoelmatige en /of onrechtmatige besteding van deze middelen kunnen niet worden afgewenteld op de gemeente. Wanneer door Vluchtelingenwerk of de wijkteamconsulent wordt gesignaleerd dat de besteding niet doelmatig plaatsvindt en de financiële zelfredzaamheid van de klant te wensen overlaat, wordt ter voorkoming van financiële problemen extra begeleiding ingezet, in de vorm van bijvoorbeeld budgetbeheer of budgetcoaching.
Geen recht op bijzondere bijstand
Voor de 1e woninginrichting wordt geen bijstand verleend. Er mag van worden uitgegaan dat iedereen daarvoor geld opzij legt.
HOOFDSTUK 3
Artikel 3.17
Kosten woninginrichting
Onderdeel van Handboek Bijzondere Bijstand Schagen 2019