Naar hoofdinhoud
1.. De in artikel 1 bedoelde tegemoetkoming wordt ieder jaar als voorschot aan de fractie uitgekeerd nadat de verantwoording over de besteding van de tegemoetkoming in het voorgaande jaar is goedgekeurd. 2.. In het jaar waarin de zittingsperiode van de raad eindigt, wordt de vergoeding in gedeelten uitgekeerd in verhouding tot de lopende en de nieuwe zittingsperiode van de raad. 3.. Indien de uitbetaling van het voorschot in het jaar van de raadsverkiezingen tot een reserve van meer dan 150% leidt van het bedrag waarop een fractie jaarlijks recht heeft, dan wordt het voorschot zodanig verminderd dat het maximum van 150% niet wordt overschreden dan wel vindt een terugboeking plaats ter hoogte van het bedrag dat de reserve van de fractie terugbrengt tot 150% van het bedrag waarop een fractie jaarlijks recht heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel