In de verordening is vastgelegd op welke wijze de hoogte van een pgb wordt vastgesteld. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende categorieën ondersteuners (professioneel, sociaal netwerk), met elk een eigen percentage. Hiermee wordt bedoeld dat er een bepaald percentage van de kostprijs in natura verstrekt wordt als pgb.
In het kader van pgb maakt het college onderscheid tussen formele en informele ondersteuning.
Van formele ondersteuning is sprake als de hulp verleend wordt door onderstaande personen, met uitzondering van personen uit de huiselijke kring of andere personen met wie de cliënt een sociale relatie onderhoudt:
personen die werkzaam zijn bij een instelling die ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staat in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007), en die beschikken over de relevante diploma’s die nodig zijn voor uitoefening van de desbetreffende taken, of;
personen die aangemerkt zijn als Zelfstandige zonder personeel. Daarnaast moeten ze ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en beschikken over de relevante diploma’s die nodig zijn voor uitoefening van de desbetreffende taken, of;
personen die ingeschreven staan in het register, bedoeld in artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (BIG-register).
Indien de ondersteuning geboden wordt door personen uit de huiselijke kring of andere personen met wie de cliënt een sociale relatie onderhoudt, is altijd sprake van informele hulp.
Indien de hulp wordt verleend door een andere persoon dan beschreven in het eerste lid onder a, is sprake van informele hulp.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.2