Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Beëindiging onregelmatige dienst

Onderdeel van Bezoldigingsregeling 2010

Aan de ambtenaar wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage als bedoeld in artikel 11, een blijvende verlaging ondergaat, die tenminste 3% bedraagt van het salaris, wordt een aflopende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage, direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende tenminste 2 jaar zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt aan de ambtenaar van 60 jaar of ouder, wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage als bedoeld in artikel 11, een blijvende verlaging ondergaat, een blijvende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage, direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende tenminste 10 jaar zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. De in het eerste lid bedoelde aflopende toelage gaat, wanneer de ambtenaar de leeftijd van zestig jaar bereikt en hij, onmiddellijk vóór de aanvang van die toelage, gedurende tenminste 10 jaar zonder wezenlijke onderbreking een toelage als bedoeld in artikel 11 heeft genoten, over in een blijvende toelage als bedoeld in het vorige lid. Voor de toepassing van de vorige leden wordt onder wezenlijke onderbreking verstaan een onderbreking van langer dan twee maanden. Burgemeester en wethouders kunnen voor de toepassing van dit artikel nadere regels vaststellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel