De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en zijn plaatsvervanger eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.
Een burgerlid houdt op lid te zijn indien het niet meer voldoet aan de in artikel 4, vierde lid, gestelde eisen.
De raad kan een burgerlid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens voordracht het burgerlid is benoemd.
De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan.
Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat direct na de schriftelijke mededeling in.
Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming van artikel 4 en 5.
Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die fractie is benoemd, van rechtswege.
Hoofdstuk 2
Artikel 6
Zittingsduur en vacatures
Onderdeel van Reglement van orde voor de raadscommissie van de gemeente Oss 2019