Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf

Artikel 2.1.5.3

(Omgevings)vergunning voor het maken, veranderen van een uitweg

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2019 (Apv)

Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het college een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder weg verstaan wat artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder verstaat. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 kan de vergunning als bedoeld in het eerste lid worden geweigerd in het belang van: de bruikbaarheid van de weg; het veilig en doelmatig gebruik van de weg; de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; de bescherming van groenvoorzieningen in de gemeente. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer Rijkswaterstaatswerken, de Keur van het Waterschap Veluwe of de Wegenverordening Gelderland 2010. Op de vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel