Bij huishoudelijke hulp wordt eerst uitgegaan van de eigen mogelijkheden van een cliënt en het benutten van zijn sociaal netwerk. Tot eigen mogelijkheden hoort bijvoorbeeld een al bestaande particuliere huishoudelijke hulp.
Als de eigen mogelijkheden geen uitkomst bieden wordt gekeken of het sociale netwerk een oplossing kan bieden. Hierbij wordt ook gekeken naar de gebruikelijke zorg van een partner/kinderen.
Gebruikelijke zorg is de normale, dagelijkse zorg en ondersteuning, die partners, ouders en inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden, omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren. Dat betekent dat van huisgenoten verwacht wordt dat zij, bij uitval van één van de leden van die leefeenheid, een herverdeling maken van de huishoudelijke taken. Een huisgenoot kan zowel een volwassene als een kind zijn, dus alle bewoners van één adres die samen één huishouden voeren.
In de volgende situaties wordt geen huishoudelijke hulp geïndiceerd op grond van gebruikelijke zorg:
ongeacht studie of werk: een eigen kamer bijhouden, de tafel dekken en helpen bij de afwas bij gezinsleden tussen 12 en 18 jaren, ook al zijn die gezinsleden daar niet aan gewend
een eenpersoons huishouden voeren: bij uitwoning op kamers wegens studie vanaf 18 jaren
een zelfstandig huishouden voeren: vanaf 23 jaren en daartoe in staat zijn
in uitzonderlijke situaties is een tijdelijke voorziening voor taakaansturing en taken aanleren mogelijk. Bij een (zeer) hoge leeftijd kan deze verplichting achterwege worden gelaten.
Gebruikelijke zorg en werk
Bij werkenden, uitgezonderd beroepsgroepen als zeevarenden, vrachtwagenchauffeurs en daarmee vergelijkbare beroepsgroepen waarvoor uit hoofde van hun beroep geldt dat zij langdurig van huis (moeten) zijn, wordt geen rekening gehouden met zeer drukke werkzaamheden bij uitstelbare zorg.
Hoofdstuk › HOOFDSTUK 5
Artikel 5.2.3
Eigen mogelijkheden en sociaal netwerk
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorst 2019