In het kader van participatie en zelfredzaamheid van cliënten is zo lang mogelijk zelfstandig wonen in de eigen leefomgeving een van de belangrijke doelen van de Wmo 2015. Geschikt wonen is een essentiële basis om het zo lang mogelijk zelfstandig wonen mogelijk te kunnen maken. Woonvoorzieningen kunnen zijn
Een bouwkundige of woon technische woonvoorziening, c.q. de woningaanpassing,
Een niet bouwkundige of niet woon technische woonvoorziening.
Uitgangspunt is dat iedereen eerst zelf zorgt voor een woning. Daarbij gaan we er van uit dat een ieder rekening houdt met de hem bekende beperkingen, ook wat betreft de toekomst.
Uit jurisprudentie blijkt dat een woningaanpassing als doel heeft normaal gebruik van de woning mogelijk te maken. Onder normaal gebruik wordt verstaan dat de elementaire woonfuncties mogelijk moeten zijn: slapen, lichaamsreiniging, toiletgang, het bereiden en consumeren van voedsel en het zich verplaatsen in de woning. Voor kinderen komt daarbij het veilig kunnen spelen in de woning. Er worden geen hobby- of studeerruimtes aangepast of bereikbaar gemaakt, omdat het hier geen elementaire woonfuncties betreft. Ook worden geen aanpassingen vergoed voor voorzieningen met een therapeutisch doel zoals dialyseruimte en therapeutisch baden. Problemen die ontstaan door de aard van gebruikte materialen en die ook voor een niet cliënt zouden gelden, leiden niet tot een woningaanpassing evenals woonvoorzieningen met een aanschafprijs onder € 200, waaronder wandbeugel(s) en een eenvoudige toilet-/douchestoel.
Uitgangspunt is dat wanneer aan de cliënt een woonvoorziening (nagelvast) is verstrekt, de cliënt geacht wordt 10 jaar te blijven wonen in de woning waar de woonvoorziening voor verstrekt is. Pas na 10 jaar kan een nieuwe woonvoorziening in een nieuwe woning worden verstrekt. Voorgaande is niet het geval wanneer er sprake is van gewijzigde omstandigheden.
Hoofdstuk › HOOFDSTUK 5
Artikel 5.3
Woonvoorzieningen Artikel 5.3.1 Inleiding en afbakening
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorst 2019