Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3.1

Waardevol groen

Onderdeel van Notitie gronduitgifte gemeente Leidschendam-Voorburg 2019

Groenstroken die kunnen worden uitgegeven zijn van ondergeschikte betekenis voor het straatbeeld of de beleving van de openbare ruimte en vormen geen verkeersgeleiding. De groenstrook – of een deel daarvan - kan worden afgestoten zonder dat afbreuk wordt gedaan aan het woongenot voor de omgeving of de kwaliteit van de openbare ruimte of ecologie. Deze percelen grond zijn niet nodig voor de uitoefening van de gemeentelijke taak en worden vaak aangeduid als snippergroen. De inrichting van de groenstrook en of bewoners dit wel of niet mooi vinden, is bij deze beoordeling niet van belang. Het vigerende Groenstructuurplan en Uitvoeringsprogramma benoemen verschillende kwaliteiten openbaar groen en de gewenste ontwikkelingen daarvan. In de op te stellen Omgevingsvisie zal dit ook terugkomen. Structureel groen Bij uitgifte van gemeentegroen, wordt in de eerste plaats getoetst of het om structureel groen gaat. Onder structureel groen wordt verstaan de openbare groenstroken die een bijdrage leveren aan de ruimtelijke structuur van een gebied of wijk. De hoofdgroenstructuur is structureel groen van de hoogste orde omdat het belangrijk is voor de hele gemeente. Denk hierbij bijvoorbeeld aan parken, de Centrale Groenzone langs de Noordsingel en de Bernhardlaan of het groen rondom de wijken. Vaak betreft dit een groter groen dat belangrijk is voor de beeldkwaliteit (het aanzicht), de gebruikskwaliteit (bijvoorbeeld om te recreëren en te spelen) en de biodiversiteit en ecologische infrastructuur (een leefgebied voor dieren en planten vanwege de natuurwaarde of een voor de belevingswaarde waardevol gebied). Het structureel groen heeft niet per definitie een grotere oppervlakte omdat ook kleinere groenelementen essentieel kunnen zijn, zoals de groene afscherming van een speelveldje. Binnen de woongebieden ligt ook structureel groen dat het karakter van de buurt bepaald en van belang is voor het woongenot. Ook groen dat van minder betekenis is voor het groene karakter, kan voor de direct aanwonenden toch essentieel zijn voor het woongenot, bijvoorbeeld doordat het gebruikt wordt voor spelen. Structureel groen of onderdelen daarvan worden niet verkocht, omdat anders het karakter van Leidschendam-Voorburg als groene woongemeente wordt aangetast. Groenkwaliteit Ieder verzoek wordt getoetst aan de criteria van de groenstructuur. De toetsingscriteria voor de kwaliteit zijn de volgende: Samenhang; Beplanting kan door de vorm, herhaling en beplantingskeuze een bindend element vormen met de bebouwing. Het zorgt voor een samenhangend beeld tussen verhardingen en bouwmassa’s of een aantrekkelijke overgang naar particuliere tuinen. Verkoop van dit soort waardevolle beplanting of een deel daarvan leidt tot een versnipperd en onrustig beeld waardoor de beleving van de openbare ruimte wordt aangetast; Karakteristiek; Plantvakken kunnen belangrijk zijn voor de eigen identiteit van de wijk, de buurt of de straat door hun vorm en/of bijzondere soortkeuze. Het vergroot dan de mogelijkheid tot herkenning en oriëntatie. Een plantvak dat een wezenlijke bijdrage levert aan de identiteit van zijn omgeving kan niet worden verkocht; Functionaliteit; Veel groen heeft ook een functionele rol. Rond bijvoorbeeld een speelplaats zorgt het voor beschutting en/of afscherming tegen overlast. Langs wegen en bij kruispunten is het openbaar groen vaak verkeersgeleidend en zorgt het voor een geleidelijke overgang van openbaar naar privé. Een grasstrook functioneert soms als toegang naar watergangen voor het onderhoud. Groen dat een essentiële bijdrage levert aan het functioneren van de openbare ruimte kan niet worden verkocht; Duurzaamheid; Duurzaamheid staat voor stabiliteit en levensduur. Beplanting in oudere wijken heeft veelal tot volle wasdom kunnen komen. Vooral bomen hebben generaties nodig om uit te groeien maar ook veel soorten struiken worden steeds waardevoller met de jaren. De biodiversiteit en daarmee de ecologische waarde van beplanting neemt toe naarmate de beplanting ouder wordt, ook omdat het ontwikkelen van een rijk bodemleven tientalen jaren duurt. Groen met oudere en beeldbepalende of anderszins waardevolle beplanting wordt niet uitgegeven. Karakteristieke stukjes grond die beeldbepalend zijn voor de omgeving worden niet verkocht. Percelen die op basis van de hiervoor genoemde toetsingscriteria geen wezenlijke bijdrage leveren aan de kwaliteit van openbare ruimte, zogenaamd niet-structureel groen (of snippergroen), kunnen, mits voldaan aan de overige criteria, in principe worden verkocht.

Rechtspraak bij dit artikel