Social media zijn niet weg te denken in het leven van jongeren. We zien in de praktijk dat social media een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van onveilige situaties voor kinderen (sexting, pesten, uitbuiting, ondermijning, zelfhulpgroepen, crimineel gedrag, zelfbeeld). Wij en onze partners moeten ons hier meer van bewust zijn en in onze aanpak aansluiten bij de digitale wereld van jeugdigen. We moeten enerzijds zelf zichtbaar en bereikbaar zijn op het internet om dicht bij jongeren te komen en voorlichting, steun en begeleiding te bieden. Anderzijds moet de veilige omgang met social media een integraal onderdeel van de hulpverleningstrajecten zijn. Dit moet een vast onderdeel in contractafspraken zijn.
Portret: Hulp voor iedereen
R. (20 jaar) woont al bijna twee jaar in een groot stu- dentenhuis in het centrum van Ede. Ze deelt de gang, twee wasmachines, twee douches en twee gasplaten met tien anderen studenten en heeft een kamer met een eigen wasbak. Hiervoor is R. bijna twintig keer verhuisd.
‘Mijn moeder had vanaf mijn geboorte al een alcohol- verslaving. Toen ik zeven jaar was, besloot mijn moeder dat het moest stoppen. Dat ze de opvoeding niet
meer aankon. In die tijd zorgde ik voor mijn broertje van zes en mijn zusje van vijf als mijn moeder laveloos op bed lag. Dan liep ik samen met ze naar school of ging ik buitenspelen. De onderbuurman draaide soms ook een beetje mee in ons huis, maar die had zelf een drugsverslaving. Als we niet luisterden zette hij ons onder een koude douche of greep hij ons hard vast en mijn moeder had zelf ook nogal losse handjes als ze gedronken had.
De verhuizing naar een pleeggezin was heel onver- wacht. We waren drie maanden bij onze vader geweest, die normaal gesproken niet voor ons zorgde, omdat hij fulltime werkte. We dachten dat we een leuk weekend met onze moeder zouden hebben en naar de kermis zouden gaan. Toen we bij onze moeder aankwamen, stond jeugdzorg op de stoep. Het was één uur ’s
nachts toen ik met twee vuilniszakjes kleren bij het
pleegzin arriveerde. Mijn broertje en zusje zaten in twee andere pleeggezinnen in hetzelfde dorp. Vanuit dat pleeggezin ben ik nog heel vaak verhuisd. Van een jeugdhuis in Apeldoorn (waar ik met twaalf kinderen van heel verschillende leeftijden in een groep zat en waar het een grote rotzooi was) tot in leefgroep de Lindenhout in Ede. Daar woonde ik met jongeren van dezelfde leeftijd en had ik eindelijk meer ruimte om me te ontwikkelen. Op de Lindenhout ben ik van opstandig
pubertje geworden tot de vrouw die ik nu ben. Ondanks de onrust die met de ontslagen voor de transitie jeugdzorg ontstond, was de situatie daar het meest stabiel. Daar ben ik door de raad van cliënten gevraagd om mijn verhaal op scholen te doen, omdat ik sterk praat en goed kan vertellen. Ik vind het heel belangrijk dat jongeren weten dat ze er niet alleen voor staan. Er is hulp voor iedereen.
Het delen van ervaringen hielp me om ze te verwerken en er anders naar te kijken. Ik besef me nu dat ik nog een heel leven voor me heb. En als het goed is heb ik binnen anderhalf jaar mijn vrachtwagenpapieren!’
Begin 2019 heeft R. , samen met andere jongeren, ervaringen met de jeugdzorg met de gemeente Ede gedeeld. Ze is blij dat er een grote groep jongeren aanwezig was en dat er nu met jongeren wordt gepraat, in plaats van óver jongeren.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.4.3.
Social media onderdeel van het probleem en onderdeel van de oplossing
Onderdeel van Beleidsplan van de gemeenteraad van de gemeente Ede houdende regels omtrent Jeugd en Onderwijs gemeente Ede 2019-2022