Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.1

Mogelijkheden tot het kiezen voor een PGB

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Kampen

Als een inwoner in aanmerking komt voor een (individuele) (maatwerk)voorziening en dit in de vorm van een PGB wil ontvangen, dan is een PGB alleen mogelijk als: naar het oordeel van de gemeente is voldaan aan alle in artikel 3.1 en artikel 2.3.6 tweede lid, van de Wmo 2015 of artikel 8.1.1 Jeugdwet genoemde voorwaarden en de weigeringsgronden van artikel 2.3.6, vijfde lid, van de Wmo 2015 of artikel 8.1.1, vierde lid van de Jeugdwet niet van toepassing zijn; de ondersteuning die de inwoner met het PGB wil inkopen naar het oordeel van de gemeente van voldoende kwaliteit is en in voldoende mate zal bijdragen aan het bereiken van het in de rapportage of het Plan van Aanpak opgenomen beoogde resultaat. Van een goede kwaliteit is sprake als de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de (individuele)(maatwerk)voorziening behoren, veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt; de inwoner naar het oordeel van de gemeente voldoende in staat is de aan het PGB verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. De inwoner kan zich ook laten ondersteunen door iemand uit zijn sociale netwerk of zich laten vertegenwoordigen om de aan het PGB verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; de inwoner gemotiveerd aangeeft waarom ZIN niet passend is. Dit geldt niet voor maatwerkvoorzieningen in het kader van de Wmo 2015; de gemeente instemt met het PGB-(budget)plan dat door de inwoner is ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel