Naar hoofdinhoud
1. De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht of het woord vragen vanwege een persoonlijk feit. 2. Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergaderingen betreffen. 3. Over een voorstel van orde beslist de raad direct. 4. Het lid dat het woord vraagt vanwege een persoonlijk feit, krijgt dat onmiddellijk maar moet eerst een voorlopige aanduidingen geven van het feit waarop hij of zij wil reageren. De voorzitter kan vervolgens bepalen dat geen sprake is van een persoonlijk feit

Rechtspraak bij dit artikel